Zelf aan de slag

De Gesprekswijzer Duurzame Mobiliteit kan helpen bij:

  • concretisering van het containerbegrip ‘duurzame mobiliteit’
  • verbetering van de maatschappelijke waarde van ons mobiliteitssysteem
  • plaatsen van de stip op de horizon van de transitie naar een slim, sociaal en groen mobiliteitssysteem
  • de integrale beoordeling van de effecten van ontwikkelingen en maatregelen op het mobiliteitssysteem
  • monitoring van de voortgang richting de gewenste, vastgestelde een eindsituatie

De gesprekswijzer kent drie fasen: de kompasfase, de beoordelingsfase en de monitoringsfase. Deze handleiding geeft een kort overzicht van de stappen die je in iedere fase doorloopt.

Kompasfase

In deze fase gebruik je de gesprekswijzer om de spreekwoordelijke stip op de horizon te zetten en het gewenste inhoudelijke einddoel vast te stellen. Gebruik het overzicht van aspecten en indicatoren.

Stap 1: selectie aspecten

Kies welke van de 12 aspecten je gaat gebruiken. Neem je ze allemaal, laat je aspecten weg of gebruik je andere aspecten? De aspecten zijn verdeeld in drie categorieën:

  • groene mobiliteit (planet): aspecten voor leefomgeving en milieu
  • sociale mobiliteit (people): aspecten voor mens en organisatie
  • slimme mobiliteit (profit): aspecten voor kennis en innovatie en economie

Stap 2: selectie indicatoren

Bepaal welke indicatoren je bij de gekozen aspecten gebruikt en hoe je voor die indicatoren de score kunt meten. Omschrijf dit zo specifiek, meetbaar, acceptabel, reëel en tijdgebonden (SMART) mogelijk.

Stap 3: gewenst einddoel indicatoren

Bepaal wanneer de score van de gekozen indicatoren voldoende is. Omschrijf dit zo SMART mogelijk. Dit is de groene cirkel in het spelbord.

Beoordelingsfase

In de beoordelingsfase vormt de gesprekswijzer een integraal beoordelingskader. In eerste instantie is dit een kwalitatieve beoordeling van de duurzaamheidseffecten, een indicatieve quickscan. Op basis van expert judgement of transparante aannames kun je sommige aspecten kwantificeren. Voor een nauwkeurige cijfermatige onderbouwing zijn (complexe) berekeningen nodig, die concrete data en informatie vereisen.

Stap 4: omschrijving van de casus

Omschrijf de casus zo concreet mogelijk. Beschrijf in ieder geval:

  • de betreffende beleidsmaatregel voor verbetering van het mobiliteitssysteem of de verwachte ontwikkeling
  • de scope van het mobiliteitssysteem, bijvoorbeeld heel Nederland, een regio of stedelijk gebied. Hier spelen overheid en marktpartijen een rol. De scope van het mobiliteitssysteem bepaalt ook mede de noodzaak voor publiek-private samenwerking.

Stap 5: inhoudelijke vragen per aspect

In de kompasfase heb je besloten welke aspecten en indicatoren je gaat gebruiken. Noteer links boven aan het spelbord welke (set van) maatregelen of ontwikkeling je beoordeelt. Beantwoord per aspect de volgende vragen:

  • Wat is de huidige score voor de indicator van het aspect? Gebruik de blauwe stippen om de huidige situatie op het spelbord weer te geven.
  • Wat is de verwachte score na het doorvoeren van de maatregel of ontwikkeling? Gebruik de gele stippen om de verwachte toekomstscore van de indicatoren aan te geven.
  • Hoe kun je de score nog verder verbeteren?
  • Wat zijn mogelijke bedreigingen bij het verwezenlijken van de verbetering?
  • Welke aanbevelingen of adviezen kun je geven om het optimale effect te bereiken?

Stap 6: beoordeling

Beoordeel de verandering van alle aspecten. Dit is input voor de besluitvorming. Beantwoord de volgende vragen:

  • Schuiven alle aspecten naar binnen? Zo nee, waarom niet?
  • Wat kan of moet anders?
  • Welk besluit neem je of welk advies voor besluitvorming geef je?
  • Wil je onderdelen via een nadere kwantitatieve onderbouwing onderzoeken?

Monitoringsfase

In deze fase monitor en evalueer je de score periodiek.

Stap 7: monitoren en bijsturen

Integreer de score-ontwikkeling van de indicatoren in reguliere jaarrapportages of laat haar daarbij aansluiten. Zo evalueer je de score-ontwikkeling periodiek.

Is de ontwikkeling niet zoals verwacht? Stuur bij waar nodig of mogelijk.